Brahms had besloten te stoppen met componeren. Het moest maar een keer kunnen. Hij was in de tweede helft vijftig, had zijn schaapjes op het droge en wat hij te zeggen had, had hij gezegd. Tot hij in 1891 de klarinettist Richard Mühlfeld ontmoette en hoorde spelen. Brahms was er ondersteboven van.

Dankzij Mühlfelds vertolking van Webers eerste klarinetconcert keerde de inspiratie terug en vatte hij de pen weer op. Dat resulteerde in een trio voor klarinet, cello en piano op. 114, twee sonates voor klarinet en piano op. 120 en dit kwintet voor klarinet en strijkkwartet.

.

Herfstmuziek
Dit kwintet is in geen enkel opzicht een soort concert voor de klarinet, integendeel. De klarinet voegt aan de klank van de strijkers melodieën en timbres toe, maar hij speelt geen uitgesproken solistische rol. Sowieso is het hele stuk ingetogen van karakter. Het wordt wel gekarakteriseerd als ‘herfstmuziek’, net als de korte pianostukken die Brahms hierna nog componeerde, de opp. 116-119. Het eerste deel lijkt te twijfelen tussen de toonsoorten b-klein en D-groot. Die twijfel gaat zelfs zo ver dat sommige musicologen vermoeden dat Brahms hier de grenzen van de klassieke tonaliteit opzoekt.

Klarinet neemt de leiding
In het tweede deel, het Adagio, neemt de klarinet wel de leiding. Ongeveer halverwege initieert ze zelfs een soort improvisatie in Hongaarse stijl, maar komt weer met de pootjes op de grond wanneer het eerste deel van het Adagio herhaald wordt. Het Andantino staat op de plaats waar de luisteraar een scherzo verwacht. Dat had Brahms eerder gedaan. In zijn tweede en derde symfonie wordt ook geen boertig of agressief scherzo à la Beethoven ingelast, maar een liefelijk allegretto of andantino. Het trio is echter wel presto, ‘ma con sentimento’, dus met gevoel.

Brahms meester in variëren
De finale is eigenlijk een thema met vijf variaties. Brahms was een meester in het variëren. Hij had natuurlijk zijn sporen verdiend met de Händel-variaties op. 24 en de Haydn-variaties op. 56, maar ook in veel andere stukken verstopt hij variaties. Zo ook hier. In de laatste variatie wordt ook de maatsoort veranderd, waardoor je opeens een walsje hoort. Maar het blijft van een herfstminnende Brahms, dus het stuk eindigt in een tragisch aandoend mineur.

Deze ‘Herbststimming’ werd gespeeld door het Klarinet Kwintet van Lars Wouters van den Oudenwijer op zaterdag 27 oktober 2018.